Tegelzetbedrijf én tegelshop — vakwerk en materialen onder één dak

De
Tegelwerkplaats

Kennisbank

Tegelsoorten

8 artikelen over tegelsoorten — de vragen die we dagelijks op de bouw krijgen, eerlijk en praktisch beantwoord.

Welke tegels zijn geschikt voor vloerverwarming?

Vrijwel alle keramische en porseleinen tegels zijn uitstekend geschikt voor vloerverwarming: ze geleiden warmte beter dan elke andere vloerafwerking. De aandachtspunten zitten niet in de tegel maar in de verwerking: flexibele lijm (C2 S1), flexibel voegmiddel, dilataties en een correct opgestookte dekvloer.

Keramische of porseleinen tegels: wat is het verschil?

Porseleinen tegels zijn keramische tegels die van fijnere klei op hogere temperatuur zijn gebakken. Daardoor zijn ze harder, dichter en nemen ze vrijwel geen water op (absorptie onder 0,5%). Voor vloeren, natte ruimtes en grootformaat is porselein de standaard; voor wandtegels volstaat gewone keramiek prima.

Gerectificeerde tegels: wat betekent dat?

Gerectificeerde tegels zijn na het bakken machinaal op exacte maat geslepen, waardoor alle tegels identiek zijn en de randen haaks. Daardoor kunnen ze met een smalle voeg van 2–3 mm gelegd worden — het strakke, bijna naadloze beeld van modern tegelwerk. Niet-gerectificeerde tegels hebben maattolerantie en vragen een ruimere voeg.

Tegels voor buiten: waar moeten ze aan voldoen?

Buitentegels moeten vorstbestendig zijn — dat betekent in de praktijk: porselein met een wateropname onder 0,5% — en stroef genoeg voor natte omstandigheden (minimaal R11). Keramische terrastegels van 2 cm dik zijn de standaard geworden: los te leggen op split of tegeldragers, of verlijmd op een afgeschoten betonvloer.

Antislip-tegels en R-waarden uitgelegd

De R-waarde (R9 t/m R13) geeft aan hoe stroef een tegel is met schoeisel; voor blote voeten in natte ruimtes geldt de aparte A/B/C-classificatie. Praktische richtlijnen: R9 voor droge woonruimtes, R10 voor badkamer en hal, R11 voor buiten, en klasse B voor de douchevloer. Hoe stroever, hoe veiliger — maar ook hoe moeilijker schoon te houden.

Matte of glanzende tegels: wat kies je waar?

Mat is de veilige keuze voor vloeren: stroever, krasongevoeliger en vergevingsgezind voor vegen en stof. Glans (gepolijst of glanzend glazuur) maakt wanden lichter en dieper, maar toont op vloeren elke veeg en wordt nat glad. De praktijkregel: mat op de vloer, glans als accent op de wand — en satijn/gelapt als tussenweg.

PEI-klasse: hoe slijtvast is een tegel?

De PEI-klasse (1 t/m 5) geeft aan hoe slijtvast het glazuur van een tegel is: PEI 1–2 is voor wanden en zacht gebruik, PEI 3 voor normale woonvloeren, PEI 4 voor intensieve vloeren zoals hal en keuken, en PEI 5 voor commercieel gebruik. Voor door-en-door gekleurd (ongeglazuurd) porselein is PEI minder relevant — daar is geen glazuurlaag om door te slijten.

Natuursteen of natuursteenlook keramiek?

Echt natuursteen is uniek — geen twee tegels gelijk — maar poreus, zuurgevoelig en onderhoudsintensief: impregneren is verplicht en blijft terugkomen. Natuursteenlook keramiek geeft tegenwoordig een verrassend overtuigend beeld zonder dat onderhoud, mét vloerverwarmingsgemak. Kies steen om de authenticiteit, keramiek om het gemak.

Andere onderwerpen

Vrijblijvende offerte voor uw tegelwerk

Liever een vakman die het gewoon goed regelt? Vraag vrijblijvend een offerte aan.

Offerte aanvragen →
BellenOfferteWinkelmand